Gemeente Hof van Twente en meer met Rens!

 

26 juli ’12

Begin: 10:05 (Station Zutphen)

De vierde Overijsselse tocht startte in Zutphen! Een vriend van de opleiding Grieks en Latijn, Rens, en ik hadden de trein vanuit Nijmegen genomen en kwamen even na tienen aan in Zutphen. We zouden eerst een stuk door Gelderland moeten fietsen om in de te fietsen provincie te geraken.

Het weer was wederom geweldig. ’s Ochtends zal het ook al boven de 20 graden geweest zijn, maar het is nooit te warm geworden. Af een toe een briesje was ook lekker, ook al leek die in het begin van onze tocht maar wat vaak in direct de tegengestelde richting als de onze te waaien. We reden eerst een deel langs het Twentekanaal en daarna door de mooie groene Achterhoek. Na 16.86 km gaven we er al weer de brui aan door op een mooi terras in Laren onze eerste pauze te houden. We waren nog steeds niet in Overijssel.

Toen de teller op 22.80 km stond, reden we het bordje Overijssel voorbij. Dit was vlakbij een enorme televisietoren. Ondertussen waren we natuurlijk aan het zeveren voor het leven. Vooral de gebleken wederzijdse interesse in toponymie en etymologie is ons erg bevallen. Zo hoefden we elkaar niet te vertellen dat het eerste nieuwe dorp van de dag, Markelo, eindigt op het veel voorkomende suffix –lo, dat de aanwezigheid van een bos aanduidt. Wel moest ik Rens even uitleggen hoe dat dan zat met de Zeven Zaligheden in Brabant (Eersel, Reusel, Duizel, Steensel, Knegsel, Bladel en Wintelre), waar datzelfde suffix in terug is te vinden, maar dan in een verbasterde vorm –el. Andersom wist ik dan dan weer niet dat de entiteiten Twente en Drenthe wel iets als ‘tweede’ en ‘derde’ moeten betekenen! Waarom er in Drenthe dan wel een h staat en in Twente niet, deed onze etymologische honger natuurlijk alleen maar groeien.

Enfin, na Markelo reden we een stukje langs de N755, over de A1, naar Holten. Nadat wat verwarde Brabanders ons daar de weg naar het centrum hadden gevraagd terwijl de kerktoren van Holten ongeveer de helft van de oppervlakte van het dorp inneemt en iedere fietser wel weet dat daar in de buurt wel eens een dorpscentrum zou kunnen zijn – ik chargeer – reden wij het Nationaal Park de Sallandse Heuvelrug binnen. Dit was werkelijk waar prachtig. Een heel groot bos, dat wonderbaarlijk genoeg ook nog eens plooiingen in het landschap waarborgde! We moesten dus zelfs nog even klimmen, dat stiekem wel zwaar was.

Na door dit mooie park te zijn gefietst reden we linea recta naar Rijssen. Toen we het dorp net binnenreden, vreugdevol omdat we een jongetje met het nieuwe PSV-shirt zagen pronken, stond de teller op 45 km. We waren al vermoeid toen we bijna bij de terrassen waren, maar het laatste stukje omhoog na een tunnel onder een weg door deed ons wel de das om. Na 46 km kilometer en een klokslag van half 2 gingen wij verdiend lunchen en een biertje drinken op de gezellige markt van Rijssen.

Na anderhalf uur op dat lekkere terras te hebben gebivakkeerd gingen we maar weer eens fietsen. We hadden immers nog maar 3 nieuwe dorpjes behaald vandaag! We reden Rijssen uit en al snel waren we in Enter. Het viel ons tegen dat toen we Enter uitreden er nergens een bordje met Escape te vinden was… Een mooi stuk over de polder volgde. IJpelo en Rectum bleken zoals verwacht gehuchten en kunnen dus van de lijst af, en na weer even het Twentekanaal over te hebben gestoken om een foto van het bordje van Almelo te maken, reden we naar het zuiden naar Bornerbroek. Rens’ verhalen over zwarte paters Corsendonck, alsmede de wind in de rug deden ons harder fietsen en verlangen naar het 3de terras van de dag!

Dat kwam er na de N741 af te hebben gereden naar het olijke Delden. We werden hartelijk ontvangen door een mooie watertoren, maar vlak voordat we in het centrum waren moesten we weer een colletje beklimmen: een viaduct dat over de N346 ging. Wij waren weer helemaal kapot en ploften in het centrum van Delden neer. Ook al bleken ze hier ook geen Hoegaarden witbier te hebben, de Grolsch Weizen deed ons gespreksniveau tillen naar conceptueel filosofisch fundamentele vragen als ‘Wat is God?’ en ‘Zullen we hier op de trein terug stappen?’

Ook al hadden onze benen er vermoedelijk al 3 keer af kunnen vallen, besloten we het pietluttige aantal van tot dan toe nieuw behaalde dorpjes (7) nog even op te krikken. We gingen proberen de trein van 20:31 vanuit Goor naar Zutphen te halen. Het was toen 19:20. We haalden alles uit ons zelf en reden op een behoorlijk tempo door achtereenvolgens door Bentelo, Hengevelde en Diepenheim te fietsen. Toen we daar bij het bordje heel even stopten om nog wat te drinken, checkte ik nog even het laatste reisadvies van de NS, en toen bleek dat de trein van 20:31 niet meer reed… Op een slakkentempo reden we dus maar naar Goor, waar we het half uur dat moesten wachten op de volgende trein gebruikten om wat te eten. Op een terras natuurlijk.

Toen we even voor negenen weer naar het station fietsten, kwam deze misschien niet al te productieve, maar erg gezellige en mooie fietstocht door het Twentse land ten einde en treinden we weer terug naar Nijmegen!

Einde: 20:58 (Station Goor)

Tijd: 5:34:40
Afstand: 98.86 km
Gemiddelde snelheid: 17.7 km/h
Maximale snelheid: 32.5 km/h

11 nieuwe dorpen: Markelo, Holten, Rijssen, Enter, Almelo, Bornerbroek, Delden, Bentelo, Hengevelde, Diepenheim, Goor